Onderzoek

Onderzoek naar tolerantie in Nederland: moderne uitsluiting
Als sociaalwetenschapper doe ik onderzoek naar verschillende thema’s, waaronder antihomogeweld, de multiculturele samenleving, nationalisme en sekswerk op de Amsterdamse Wallen. Al deze thema’s gaan uiteindelijk over tolerantie in Nederland, en over de vraag hoe verschillen samenkomen in de moderne samenleving.

Ik ga in mijn onderzoek altijd interdisciplinair te werk. Dat wil zeggen dat ik inzichten gebruik en combineer uit verschillende wetenschappelijke disciplines, met name de sociale en psychologische wetenschappen. Ik ga daarnaast ook het liefst transdisciplinair te werk, wat wil zeggen dat ik mijn onderzoek opzet in samenwerking met maatschappelijke partners, en hen ook zoveel mogelijk in het proces betrek.

Mijn onderzoek laat zien dat er grenzen zijn aan de Nederlandse tolerantie, en dat er nog breed in Nederland sprake is van ‘moderne uitsluiting’. Dit zijn vormen van uitsluiting die subtiel, impliciet en onbewust gebeuren, bijvoorbeeld verpakt in alledaagse omgangsvormen, grapjes, aannames, etc.

Ik ben erin gespecialiseerd om deze vormen van uitsluiting in kaart te brengen door middel van kwalitatief en kwantitatief onderzoek, en om individuen en organisaties te helpen met het ontwikkelen van bewustzijn over deze vormen van uitsluiting. Als dat bewustzijn er eenmaal is, help ik hen met verandering in het denken en handelen zodat er een meer inclusieve cultuur kan ontstaan, waarin onderlinge verschillen als een bron van kracht worden aangeboord. Lees hierover meer bij Ondernemen.

Mijn onderzoeksthema’s zijn:

  • Homofobie en geweld tegen LHBTIQ+
  • Project 1012 en sekswerk in het Wallengebied
  • De Nederlandse tolerantie als onderdeel van de nationale identiteit
  • De Nederlandse paradox en moderne uitsluiting
  • Gay Pride versus Gay Shame
  • De toekomst van seksualiteit en gender

Homofobie en geweld tegen LHBTIQ+
In 2008/2009 publiceerde ik mijn eerste onderzoek: Als ze maar van de afblijven (volledig als PDF te downloaden). In opdracht van de gemeente Amsterdam en de politie Amsterdam-Amstelland, en in samenwerking met collega’s Gert Hekma en Jan Willem Duyvendak deed ik onderzoek naar de motieven van daders van antihomogeweld. Mijn conclusie was dat veel (met name jonge) mannen in Nederland homoseksualiteit nog altijd ervaren als een bedreiging voor hun mannelijkheid, ook zij die zich scharen achter de progressieve waarden van de seksuele revolutie. Extra uitdagingen zijn te zien bij bepaalde risicogroepen, zoals etnische en religieuze minderheden, in het bijzonder Marokkaans-Nederlandse jongens.

> Nederlandse publicatie: Als ze maar van me afblijven. Een onderzoek naar antihomogeweld in Amsterdam.
> English publication: As Long As They Keep Away From Me. The Paradox of Antigay Violence in a Gay Friendly Country


Project 1012 en sekswerk in het Wallengebied
In 2008 begon ik met een onderzoek naar Project 1012, een omvangrijk beleidsplan van de gemeente Amsterdam gericht op de ruimtelijke structuur van het Wallengebied. Door controverses te volgen via interviews en etnografie heb ik de invloed van stedelijke vernieuwing op identificatieprocessen in deze unieke gemeenschap vastgelegd, onder andere in de seksindustrie. Mijn conclusie was dat de gemeente met de aanpak een repressief en moreel geladen beleid is gaan voeren ten aanzien van prostitutie, waarmee werd gebroken met decennia van gedoogbeleid. Mijn belangrijkste kritiek op Project 1012 is dat de twee hoofddoelstellingen ervan (economische opwaardering via stedelijke vernieuwing enerzijds, en het aanpakken van criminaliteit in de seksindustrie anderzijds) niet goed van elkaar gescheiden zijn. Economische belangen zijn zo bedekt met een morele discussie waarin sekswerkers a priori niet serieus zijn genomen als gesprekspartner, wat een democratisch beleidsproces heeft ondermijnd.

> Kijk mijn optreden in Filemon op de Wallen (BNN/VARA) terug (2017)
> Lees meer over mijn analyse van Project 1012 (2015)


De Nederlandse tolerantie als onderdeel van de nationale identiteit
Vanaf 2009 doe ik onderzoek naar de Nederlandse identiteit als tolerante en progressieve natie. Ik ben me bezig gaan houden met wat ook wel seksueel nationalisme wordt genoemd: nationalistische identificatieprocessen die ontstaan zijn na 11 september 2001, en die ‘de moderne, tolerante en seculiere Nederlander’ tegenover ‘de achterlijke, conservatieve en religieuze nieuwkomer’ (met name moslims) plaatsen. Mijn conclusie was dat dit soort identificatieprocessen gebaseerd zijn op de assumptie van statische groepen en een lineaire opvatting van tijd. Hierdoor worden uitdagingen op het gebied van de emancipatie van seksualiteit en gender in toenemende mate toegeschreven aan migranten, terwijl de emancipatie van ‘autochtone’ Nederlanders ‘voltooid’ zou zijn. Dit creëert een eendimensionaal beeld van Nederlanders met een migrantenachtergrond, en bemoeilijkt het bespreken van de worstelingen die Nederlanders breed in de samenleving ervaren met diversiteit op het gebied van seksualiteit en gender.

> Lees mijn stuk met Paul Mepschen over seksueel nationalisme (2011)
> Lees mijn interview met Brainwash over de Nederlandse tolerantie (2017) 


De Nederlandse paradox en moderne uitsluiting
Vanaf 2016 ben ik me opnieuw bezig gaan houden met de positie van seksualiteit en gender in de Nederlandse samenleving. Dit is een voortzetting van wat ik in eerder onderzoek ook wel de ‘Nederlandse paradox’ noem. Nederlanders geven meer dan in andere Westerse landen aan dat zij progressieve waarden op het gebied van seksualiteit en gender omarmen, maar mensen in de LHBTIQ+-gemeenschap zelf geven aan nog allerlei problemen met uitsluiting te ervaren. Mijn conclusie was dat uitsluiting niet is verdwenen in het moderne Nederland, maar eerder van gedaante veranderd. Expliciete, traditionele uitsluiting heeft plaatsgemaakt voor impliciete, moderne uitsluiting. Nog altijd worden normen overgedragen die uitsluitend werken naar minderheden, vaak onbedoeld en onbewust, subtiel verpakt in alledaagse omgangsvormen of in instituten.

> Lees mijn stuk over de Nederlandse paradox op De Correspondent (2016)
> Lees mijn Riek Stienstra/Schorer Lezing over moderne uitsluiting (2017)


Gay Pride versus Gay Shame
Vanaf 2016 ben ik me ook meer gaan bezighouden met de vraag wat de impact is van (moderne) uitsluiting op het psychosociaal welbevinden van de LHBTIQ+-gemeenschap. Ook mannen die hun homoseksualiteit ‘out and proud’ vieren, worstelen vaak nog fundamenteel  met schaamte, en dus met hun zelfbeeld. Dit speelt ook in de Amsterdamse context, waar LHBTIQ+’s ondanks de ogenschijnlijke vrijheid nog altijd op grote schaal worstelen met hun ervaringen met uitsluiting die meestal teruggaan tot de vroege jeugd. Deze ervaringen hebben nog altijd grote invloed op de manier waarop hun seksualiteit en gender zich ontwikkelen. Filmmaker Robin Vogel maakte de documentaire Weg van de Kerk over dit thema, toegepast op de fetisjbar Club Church in Amsterdam, waaraan ik heb meegewerkt. Mijn conclusie was dat veel homomannen in het Amsterdamse uitgaansleven balanceren tussen gay pride en gay shame: zij vinden hun autonomie in de vrije moraal op het gebied van seks en gender, maar worstelen nog dikwijs met de manier waarop zij deze moraal een gezonde en gebalanceerde plek in hun leven kunnen geven.

> Lees mijn stuk over het Amsterdamse homonachtleven op De Correspondent (2016)
> Lees mijn toespraak over LHBTIQ+ in Nederland voor Gert Hekma (2017)


De toekomst van seksualiteit en gender
Mijn onderzoek naar LHBTIQ+ in Nederland heeft me extra bewust gemaakt van de historische instabiliteit van termen als homo en hetero. Ik hou me in mijn onderzoek bezig met de vraag hoe identificatieprocessen op het gebied van seksualiteit en gender verschuiven in Nederland. De maatschappelijke discussie over de letters in LHBTIQ+ laat zien dat de plaats van seksualiteit en gender in de Nederlandse samenleving nog niet gestabiliseerd is. Onderzoek naar coming out laat zien dat steeds meer jongeren zich aangetrokken voelen tot een ‘tussen-identiteit’, tussen man/vrouw of hetero/homo in. Wetenschappelijk onderzoek laat daarnaast ook overtuigend zien dan alle mannen ook vrouwelijk zijn, en alle vrouwen ook mannelijk. Identiteiten rond mannelijkheid, vrouwelijkheid en seksualiteit zijn in de moderne samenleving aan een fundamentele verschuiving onderhevig, waarbij het traditionele binaire denken over seks en gender aan terrein verliest. De mens staat op het punt zijn androgyne kern te herontdekken, maar daarvoor moet nog wel de nodige strijd geleverd worden.

> Lees mijn stuk over de androgyne kern van de mens op De Correspondent (2021)
> Lees mijn interview over de nieuwe generatie LHBTIQ+ op de NOS (2021)
> Lees mijn interview over veranderende identiteiten van seks en gender op de NOS (2016)
> Lees mijn interview over top en bottom als seksuele identiteiten op Expreszo (2015)

%d bloggers liken dit:
search previous next tag category expand menu location phone mail time cart zoom edit close