Het helen van hun trauma is voor homomannen van levensbelang

Inmiddels is uitstekend wetenschappelijk gedocumenteerd dat homomannen lijden aan een specifiek soort trauma. Dit “homotrauma” is een zeer hardnekkig fenomeen, en het is van groot belang dat je daarmee aan het werk gaat.

In de patriarchale samenleving waarin we leven is iedereen in meer of mindere mate getraumatiseerd, dus een trauma is niet speciaal iets voor homomannen.

Lees mijn stuk over hoe het patriarchaat onze psyche heeft gespleten, en hoe we die kunnen helen (2022):
Hoe het patriarchaat onze psyche heeft gespleten, en hoe we de schade kunnen herstellen

Maar homomannen ontwikkelen wel een speciaal soort trauma wegens de specifieke maatschappelijke positie van homo’s in patriarchale samenlevingen.

Alan Downs schreef een centraal werk over het homotrauma, op basis van jarenlange ervaringen als psychotherapeut in het hartje van de homogemeenschap van Los Angeles

Hoe dit trauma er bij jou precies uitziet (en de mate waarin het speelt) is afhankelijk van de specifieke omstandigheden van je opvoeding en met name je psychoanalytische thuissituatie.

Maar er is ook een gemene deler. De homo ervaart enerzijds druk om mannelijk te zijn, maar zal anderzijds nooit als echte man gezien worden juist omdat hij homo is. Dit levert al vanaf de vroege puberteit een groot emotioneel conflict op dat we vaak niet bewust ervaren omdat het op het subtiele onbewuste niveau plaatsvindt.

Dit conflict houdt in dat er grote woede en frustratie in de emotionele binnenwereld accumuleert wegens het leven in een samenleving die onmogelijke eisen stelt, terwijl tegelijkertijd het idee geïnternaliseerd wordt dat de worstelingen die dit oplevert je eigen schuld zijn en het gevolg van je eigen tekortkomingen.

Lees mijn artikel over het homotrauma in De Correspondent (2016):
Loop mee door het Amsterdamse homonachtleven en zie hoe makkelijk je daar kunt verdwalen

Dit alles leidt uiteindelijk tot een verstoring in de ontwikkeling van de genderidentiteit maar ook van de seksualiteit. Deze verstoring kan zich grofweg op twee manieren uiten.

Er zijn homomannen die zowel hun vrouwelijke als hun mannelijke kanten wel ontwikkelen, maar vervolgens geen idee hebben hoe ze deze twee kanten moeten integreren in de persoonlijkheid. Het gevolg is een innerlijke gespletenheid die kan leiden tot allerlei extreme vormen van afhankelijkheid, een opportunistische persoonlijkheid, ongecontroleerd gedrag en een ontembare behoefte aan externe validatie.

Er zijn ook homomannen die hun vrouwelijke kanten onderdrukken waardoor de ontwikkeling daarvan niet of zeer minimaal op gang komt. Het gevolg is een charismatische maar koude en narcistische persoonlijkheid waarbij het eigenbelang rüchtsichtslos voorop wordt gesteld en waarbij de neiging ontstaat om terug te vallen op manipulatie en (passieve) agressie om aan de eigen behoeften te voldoen, vaak zonder er zelf bewust van te zijn overigens en tevens vaak verstopt achter een vriendelijke façade.

Deze twee persoonlijkheidstypes zijn overigens ook nogal eens tot elkaar aangetrokken, ofwel vriendschappelijk ofwel romantisch / seksueel, met het risico op het ontstaan van allerlei zeer giftige codependencies.

Het is niet leuk om het over deze zaken te hebben want trauma creëert heel lelijk schaduwgedrag waar we het liefst voor wegkijken. Bovendien is het ongemakkelijk dat dit aanschurkt tegen allerlei ouderwetse homofobe narratieven die homo’s als zwak en ziekelijk afschilderen.

Maar het trauma en onze wonden zijn niet onze schuld, die zijn de schuld van de patriarchale samenleving. En van wegkijken gaan we hier zeker nooit van helen.

Matthew Todd houdt de homogemeenschap in zijn boek een spiegel voor, en zegt dat er veel problemen zijn die het geluk van homomannen in de weg staan

En dat wegkijken gebeurt nu veel teveel. Het homotrauma wordt vaak bedekt onder de regenboogvlag. We zijn in allerlei valse ideeën over een geëmancipeerde homotolerante samenleving gaan geloven die er nooit echt is geweest.

Zo kan het gebeuren dat tijdens Amsterdam Pride honderdduizenden homo’s hun “vrijheid” aan het vieren zijn zonder enig bewustzijn over de enorme strijd waar ze middenin zitten.

Het is erg belangrijk om ons homotrauma aan te kijken. Praat erover met vrienden. Lees erover in boeken als Straight Jacket en Velvet Rage. Zoek professionele hulp van zorgverleners op het gebied van mental health. Maak een support community om je heen waar je op een veilige manier maar zonder taboes over deze wonden leert praten. Elkaar aanspreken en confronteren is hierbij key.

De Nederlandse psychotherapeut Thijs Maassen deed begin 2000 een pleidooi voor psychotherapie toegespitst op de worstelingen van homomannen

De homovoorvechters hebben het voorwerk gedaan en hebben voor ons een gay subcultuur gemaakt waarin we ons met elkaar bewust kunnen worden van de diepe wonden in onszelf, en waarin we elkaar kunnen ondersteunen. Het is aan onze generatie om de wonden nu echt te helen.

De kans die we nu hebben om los te breken van patriarchale onderdrukking dient zich niet nog eens aan. We zullen onze emancipatiedoelen veel scherper moeten formuleren, en de strijd tegen homotrauma daarin centraal stellen. Met een ongeheeld homotrauma staan we namelijk niet goed in verbinding met ons hart, en juist dat is in deze gevaarlijke tijd van groot belang voor je overleving.

%d bloggers liken dit:
search previous next tag category expand menu location phone mail time cart zoom edit close